Op 23 juni kwamen ruim 200 studenten van Summa College Sociaal Werk samen tijdens het eindevent van We Are In Charge – Social Projects in het Parktheater Eindhoven. Daar deelden studenten wat zij tijdens hun maatschappelijke challenges hadden gedaan, geleerd en betekend voor anderen.
Abdullah is negentien jaar, komt oorspronkelijk uit Irak en woont inmiddels twaalf jaar in Nederland. Hij volgt de opleiding Sociaal Werk aan het Summa College.
Voor zijn Social Project ging hij samen met andere studenten aan de slag bij Ergon in Eindhoven.
Taal opent nieuwe deuren
De studenten werkten met mensen uit verschillende landen en culturen. Sommigen waren naar Nederland gekomen voor veiligheid, anderen voor werk. Een deel van hen heeft nog moeite met de Nederlandse taal.
Abdullah en zijn groep wilden hen daarbij helpen.
“We konden ze geen werk aanbieden, maar we konden ze wel helpen om de taal en de Nederlandse cultuur beter te leren kennen. Daardoor krijgen ze meer mogelijkheden om hun weg te vinden in Nederland.”
De deelnemers werkten meerdere dagen per week bij Ergon. Abdullah en zijn medestudenten organiseerden extra taalactiviteiten waarin vooral de basis van het Nederlands werd geoefend.
‘Ze wilden de taal echt leren’
Abdullah merkte al snel hoe gemotiveerd de deelnemers waren.
Vooral bij ouders zag hij hoe belangrijk de Nederlandse taal voor hen is. Hun kinderen leren de taal vaak sneller op school, terwijl ouders zelf meer tijd nodig hebben.
“Je zag dat ze zich echt concentreerden. Ze wilden de taal graag leren. Ze vonden het fijn dat ze naast hun school ook bij ons extra konden oefenen.”
Dat maakte indruk op Abdullah.
Het ging niet alleen om nieuwe woorden leren. De taal hielp deelnemers ook om zelfstandiger te worden en makkelijker contact te maken met andere mensen.
Eerst vertrouwen opbouwen
Niet alles ging meteen vanzelf.
Binnen een groep islamitische vrouwen merkte het studententeam dat samenwerken met mannelijke studenten in het begin niet vanzelfsprekend voelde. De groep studenten bestond uit vier jongens en één meisje.
In plaats van dat te forceren, koos de groep ervoor om stap voor stap vertrouwen op te bouwen.
Eerst begeleidde vooral de vrouwelijke student de activiteiten. Daarna sloten de jongens voorzichtig aan, bijvoorbeeld tijdens spelletjes en gezamenlijke opdrachten.
“Langzamerhand konden we het vertrouwen opbouwen. Aan het einde was het gewoon één groep en maakte het niet meer uit wie bij wie stond.”
Voor Abdullah was dat een belangrijke ervaring. Hij leerde dat contact met mensen uit verschillende culturen soms tijd nodig heeft en dat respect en geduld daarbij belangrijk zijn.
Respect voor elkaar
Ook binnen zijn eigen studententeam verliep de samenwerking goed.
Iedereen kreeg een duidelijke taak en er was ruimte voor verschillende meningen.
“We gingen altijd samen zitten, verdeelden de taken en iedereen deed wat hij moest doen. We hadden respect voor elkaar en voor elkaars mening.”
Juist door die samenwerking kon de groep zich richten op wat voor hen het belangrijkst was: iets betekenen voor de mensen met wie zij werkten.
Een stap verder
Als Abdullah terugkijkt op het project, denkt hij vooral aan de reacties van de deelnemers.
“Waar ik echt trots op ben, is dat ik die mensen vrolijk heb gezien. Ze waren echt dankbaar voor wat wij deden.”
Door We Are In Charge ontdekte hij bovendien dat hij goed contact kan maken met mensen met verschillende culturele achtergronden.
En wanneer voelde hij zich écht in charge?
“Toen ik die mensen blij en dankbaar zag. Ik had ze iets kunnen leren en ze waren een stap verder.”
Voor Abdullah zat de impact dus niet in iets groots of ingewikkelds. Het zat in mensen helpen met taal, vertrouwen opbouwen en merken dat iemand dankzij jouw inzet weer iets verder kan.
Precies daar werd zichtbaar wat zijn bijdrage betekende.
